In overlegmomenten deelden de leerkrachten van het 5de- en 6de leerjaar hun werking en rapportering in het proeftuinproject mee aan de coördinaten. Ook werd de meerwaarde van het modulair-en coörperatief werken aangehaald.
1. Werking:
- In de Gemeentelijke basisschool ‘t Centrum.
Men is 2 jaar geleden gestart met het opdelen van de leerstof in delen (= modules) . Dit gebeurde bij het vak "wiskunde". Zo werd bijvoorbeeld alles van getallenkennis van 2 opeenvolgende sprongen (dat zijn hoofdstukken in het werkboek), achter elkaar geplaatst. Het handboek ‘Rekensprong’ is daar ook uitermate geschikt voor. Tijdens de les worden de lln. opgedeeld in 3 niveau-groepen. De meest zelfstandige groep gaat dieper op de leerstof in. Zij hebben weinig of geen hulp nodig. De "midden"-groep heeft nog redelijk veel coaching nodig. De laatste groep heeft totale sturing nodig.
De verschillende niveaus worden met 3 kleuren aangeduid in het werkboek: groen, oranje en rood zodat ieder kind goed weet wat te doen.
Voorlopig werken de lkr. alleen voor het vak wiskunde op deze manier. Vanaf dit schooljaar hebben de lkr. nieuwe handboeken voor W.O en taal. Het vergt eerst wat gewenning ,vooraleer de lkr. ook hier op een gedifferentieerde aanpak kunnen overschakelen.
- In de Gemeentelijke basisschool De Griffel.
Hier is men ook gestart met het groeperen van de wiskundige leerdomeinen, maar dit gebeurt wel sprong per sprong. Hier maken ze ook gebruik van de methode ‘Rekensprong’.
De lkr. hebben een volgkaart waarop al de oefeningen vermeld staan, K= klassikaal, N= nieuw, zodat de leerlingen weten waar ze aan toe zijn.
De lln. zijn ingedeeld in 3 groepen:
Groep 1: zwakke lln. moeten bij het handje gehouden worden, volgen alles klassikaal. De leerkracht verbetert de werkboekjes.
Groep 2: de middengroep: kunnen een aantal oefeningen zelfstandig, maar hebben nog veel hulp nodig. Hier doen ze meestal aan zelfcorrectie.
Groep 3: de sterke lln, werken zelfstandig (behalve de N- en de K-opdrachten) en krijgen verdieping- en verrijkingsopdrachten. Volledige zelfcorrectie.
2. Meerwaarde:
- In de Gemeentelijke basisschool ‘t Centrum.
- onderwijs op niveau ( verveling bij de sterkeren valt weg)
- druk van alles te moeten kunnen ,valt weg.
- zelfstandig werken wordt gestimuleerd.
- In de Gemeentelijke basisschool De Griffel.
Opvallend is dat de leerkrachten heel tevreden zijn over deze manier van werken, voor henzelf, maar ook voor de lln. De zwakken krijgen meer aandacht en de sterkere lln hoeven zich niet te vervelen.
3. Meervoudige intelligentie:
- In de Gemeentelijke basisschool ‘t Centrum.
Johan Haest zou dit jaar graag een soort van doorschuifsysteem zien wat betreft de handvaardigheden. De lln. zouden moeten kunnen proeven van verschillende vakken.
Vb: T.O.: fiets in elkaar steken
Chemie: zeep maken
Hout: zaag-vijl oefening
Koken- bakken
...
- In de Gemeentelijke basisschool De Griffel.
In het 5de leerjaar doen ze 11X per jaar (telkens een ganse namiddag) aan hoekenwerk. Hier komen de 8 intelligenties bijna allemaal aan bod. Elke leerling heeft hiervoor een talentenboekje en vult dit telkens in.